Geen vergoeding chemotherapie en stamceltransplantatie bij borstkanker
Uit acht jaar onderzoek blijkt, volgens het Zorginstituut, dat de combinatie van hoge dosis chemotherapie en stamceltransplantatie niet bijdraagt aan het algemeen functioneren en de kwaliteit van leven van patiënten met diagnose stadium 3 BRCA1-like borstkanker, een bepaalde vorm van erfelijke borstkanker.
Het onderzoek naar deze combinatiebehandeling duurde van 2017 tot 2024 en werd uitgevoerd onder leiding van het Nederlands Kankerinstituut (NKI) en Erasmus MC. Patiënten uit Nederland en Frankrijk namen deel aan de studie, waarbij de therapie werd vergeleken met een behandeling met olaparib, een nieuw geneesmiddelen tegen erfelijke borstkanker.
De combinatie van hoge dosis chemotherapie en stamceltransplantatie was sinds 2017 voorwaardelijk toegelaten tot het basispakket van de zorgverzekering, in de hoop dat wetenschappelijk onderzoek de effectiviteit daarvan zou aantonen. Aan het eind van de voorwaardelijke toelating beoordeelt het Zorginstituut of de zorg effectief is.
Prijsonderhandelingen
Bij de start van de studie in 2017 was de verwachting dat olaparib vergoede zorg zou zijn in 2025, omdat het Zorginstituut het jaar daarvoor adviseerde het geneesmiddel te vergoeden voor een deel van de betrokken patiënten.
Daarvoor moest de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) wel prijsonderhandelingen aangaan met de fabrikant, maar die zijn niet succesvol afgerond, waardoor olaparib op dit moment nog geen verzekerde zorg is voor een deel van deze patiëntengroep.
Veelbelovend
Elk jaar krijgen 80 tot 120 patiënten, vooral jonge mensen, in Nederland de diagnose stadium 3 BRCA1-like borstkanker. De verwachting over het verloop van de ziekte is vaak zeer ongunstig. Hoge dosis chemotherapie gevolgd door stamceltransplantatie voor bepaalde patiënten met deze diagnose leek veelbelovend, maar deze intensieve behandeling blijkt niet te werken, oordeelt nu het Zorginstituut, dat benadrukt dat bewezen effectiviteit de belangrijkste eis is om zorg te vergoeden uit het basispakket van de zorgverzekering.