Beperkt onderzoek toont aan dat pijnmedicatie en hormonale anticonceptie mogelijk meer pijnverlichting geven dan placebo. De NHG spreekt op basis van ervaring, en het ontbreken van bewijs van goede kwaliteit, geen voorkeur uit voor één van beide behandelingen.
Als pijnmedicatie worden paracetamol en orale NSAID’s geadviseerd. De vrouw kan hier het beste mee starten bij het begin van de pijnklachten en stoppen zodra de dysmenorroe weer over is. Inzetten van opioïden wordt ontraden vanwege het risico op verslaving door het chronische karakter van dysmenorroe.
Bij hormonale anticonceptie bestaat de keuze tussen combinatiepreparaten en anticonceptiemethoden met alleen progestageen, zoals de pil met alleen progestageen, implantatiestaafje en het hormoonspiraal. Er is geen voorkeur voor een bepaalde methode. Hormonale anticonceptie heeft als doel het aantal menstruaties en daarmee de dysmenorroe te verminderen door het overslaan van stopweken (combinatiepreparaten) of door het induceren van amenorroe (methoden met alleen progestageen).
Voorkeur patiënt
Combinatie van hormonale anticonceptie en pijnmedicatie is ook mogelijk. De keuze wordt bij voorkeur samen met de patiënt gemaakt. Dit advies geeft de NHG af op basis van ervaring, aangezien onderzoek naar combinatiebehandeling bij dysmenorroe ontbreekt.
Vrouwen moeten naar de gynaecoloog worden verwezen als de klachten ondanks medicamenteuze behandeling na drie tot zes maanden onvoldoende verbeteren.
Bij dysmenorroe hebben vrouwen vlak voor of tijdens de menstruatie pijn, meestal onderin de buik. De pijn kan uitstralen naar de benen en rug en gepaard gaan met misselijkheid, hoofdpijn en moeheid. De impact op het dagelijks functioneren kan aanzienlijk zijn. Bij secundaire dysmenorroe is er in tegenstelling tot primaire dysmenorroe sprake van een aantoonbare onderliggende pathologie. Endometriose is de meest voorkomende oorzaak van secundaire dysmenorroe.
De NHG-Standaard Dysmenorroe vervangt de NHG-Behandelrichtlijn Dysmenorroe, die is komen te vervallen.